vrijdag 28 januari 2011

Haviken en duiven

Individuen kunnen kiezen voor vrijwillige of geforceerde interactie. Nu zul je geneigd zijn om te denken dat de gemene types het makkelijk zullen winnen van de braverikken. Maar zo simpel ligt het niet. Braverikken kunnen makkelijk met elkaar samenleven, maar degenen die misbruik maken van anderen kunnen niet zonder de braverikken om misbruik van te maken. Dus een maatschappij van mensen die alleen maar misbruikt maakt van elkaar is voor iedereen onleefbaar. Bekijken we vrijwillige en geforceerde interactie in een samenleving dan is het daarom voor te stellen dat er een evenwicht ontstaat tussen deze twee groepen. De vraag is natuurlijk of een dergelijk evenwicht mogelijk is en hoe dat er dan uit zal zien. Is het mogelijk dat er een groep van uitbuiters is in een land en een groep van volgers zonder dat dit systeem destabiliseert.


We kunnen de zaken vereenvoudigen door te stellen dat individuen in een maatschappij twee mogelijke strategieën hebben. Ze kunnen kiezen voor de vredelievende tactiek of ze kunnen kiezen voor een dominantie tactiek. Dit noemt men binnen de speltheorie een zogenaamd havik en duif spel. We korten hier de beide strategieën af tot D voor de duifstrategie en de H voor de havikstrategie. Kiezen beide voor strategie D dan wordt er samengewerkt en hebben beiden een voordeel. Kiest de ene partij voor H en de ander voor D dan wordt de ene partij gedomineerd door de ander. De dominerende partij heeft hier voordeel van want hij heeft nu niet alleen zijn eigen opbrengsten, maar ook een deel van de opbrengsten van degene die hij in zijn macht heeft. In de dierenwereld denk je hierbij aan openlijk geweld, maar onder mensen zal het er subtieler aan toe gaan. Dan kun je naast openlijk geweld ook denken aan fraude, oplichting en bedrog. Degene die onderdrukt wordt verliest uiteraard in dit spel. Kiezen beide partijen ervoor voor de dominante strategie te spelen dan ontstaat er strijd tussen beide. Deze strijd is heel erg nadelig want het zorgt voor flinke schade en grote risico’s. De vraag is dan natuurlijk welke strategie de meest effectieve is. En is het mogelijk dat er hier een evenwicht optreedt.

In een samenleving met alleen maar duiven is het heel prettig toeven. Iedereen heeft voordeel van de samenwerking en er is geen uitbuiting. Het gevaar is natuurlijk dat er een havik geïntroduceerd wordt in deze samenleving. Deze havik heeft de tijd van zijn leven want hij heeft nauwelijks tegenstand. Omdat de haviken het hier goed hebben zullen ze toenemen. Maar als het er teveel worden dan is er steeds sprake van strijd en dat levert veel verlies op. De populatie verzwakt en is kwetsbaar. In een samenleving met alleen maar haviken heb je juist voordeel als je met zijn tweeën besluit om duif te spelen. Je kan dan samenwerken en je vermijdt het verlies van de continue strijd. Zelfs als je de strijd vermijd en duif speelt tegenover een havik kun je voordeel hebben. Je verliest wel wat, maar je hoeft in ieder geval geen strijd te voeren. In een samenleving met voornamelijk haviken is de duif de beste strategie.

Hier is de situatie heel eenvoudig en beide situaties met alleen maar duiven of haviken zijn instabiel. Het is dus te verwachten dat er een evenwicht zal ontstaan waarbij duiven en haviken samenleven. Onbewust speelt deze voorstelling van zaken in discussies over veiligheid. Er wordt simpelweg uitgegaan van een model van alleen daders en slachtoffers. Een nadeel van het vorige voorbeeld is, dat het te simpel is. Het laat belangrijke strategieën achterwege. Iemand die vredelievend is kan bijvoorbeeld best van zich afbijten als het erop aankomt en iemand die een grote mond heeft krabbelt misschien wel terug als het er echt op aankomst. Dergelijke strategieën noem je conditionele strategieën. Je laat je tactiek afhangen van het gedrag van de ander.

Laten we deze strategieën de pestkop (P) en de egel (E) noemen. Dit zijn conditionele strategieën omdat ze afhangen van de strategie van de ander. De pestkop gedraagt zich dominant als hij anderen tegenkomt die zich vredelievend opstellen maar als hij een havik tegenkomt dan krabbelt hij terug en onderwerpt zich aan de dominante persoon. Het egeltje daarentegen stelt zich in principe vredelievend op tenzij de ander tekenen laat zien van een dominante strategie dan gaat hij de strijd aan. De egel blijkt uiteindelijk de enige stabiele strategie te zijn omdat deze het beter doet dan alle andere. In de speltheorie wordt deze strategie ook wel tit-for-tat genoemd. Dit omdat je de ander teruggeeft wat hij je aandoet. Maar je begint altijd met een opening voor vredelievende samenwerking.

Laten we eerst kijken naar de situatie zonder egels. Als er heel veel haviken zijn dan zullen deze zwak zijn door de eindeloze strijd die ze aan het leveren zijn hierdoor kunnen de duiven en de pestkoppen groeien. Zijn er heel veel duiven dan zou een havik het juist heel goed hebben en zouden er veel meer haviken komen. Zijn er heel veel pestkoppen dan zouden deze bedreigd kunnen worden door de haviken. Er is hier een evenwicht mogelijk met haviken en pestkoppen. Twee vervelende types die maken geen prettige samenleving.

Maar wat als we de egeltjes introduceren? Deze winnen het van de duiven omdat ze zich niet laten onderdrukken door de haviken en de pestkopen. Ze winnen het ook van de pestkoppen want zij prikken door de bluf heen die hij speelt. Dan blijven de egel en de havik over. Ook dan wint de egel het want de egel heeft het voordeel dat als ze samen zijn dat ze vredelievend spelen en dat is beter dan strijd. Een havik zit in een samenleving met alleen haviken en egels verwikkeld in een continue strijd waardoor ze erg verzwakt raken. Een samenleving met alleen maar egeltjes is ook nog eens stabiel omdat iedereen samenwerkt. Het is een prettige en productieve samenleving.

De geschetste situatie waarbij je kan aanvallen of samenwerken wordt ook wel het prisoner’s dillema genoemd. Als twee boeven gevangen worden genomen kunnen ze samenwerken door te zwijgen of elkaar verraden. Werken ze samen dan beperken ze de schade, maar als ze elkaar allebei verraden dan krijgt de politie juist meer bewijs in handen en wordt de straf juist hoger. De meest gunstige situatie ontstaat als jij de ander verraad en die ander zijn mond dicht houdt. Het verschil is dat je dat spelletje maar één keer speelt. Maar als je dit spelletje steeds weer herhaalt dan is samenwerken de meest productieve strategie, maar je wil ook geen misbruik laten maken van jezelf. Men heeft wedstrijden gedaan om de beste strategie te bepalen. Men dacht van tevoren dat een agressieve strategie zou winnen, maar de tit-for-tat strategie bleek jaar na jaar superieur. Bij deze strategie kies je er in de eerste ronde voor om samen te werken en daarna kopieer je de tactiek van je tegenstander.

Er is een overeenkomst tussen de egel en het non-agressie principe. Het non-agressie principe zegt dat je geen geweld mag initiëren. Je mag jezelf dus alleen verdedigen. Zowel egel als de duif houden zich aan dit principe. Met het verschil dat een duif een volledige pacifist is. Deze gebruikt ook geen geweld om zichzelf te verdedigen, maar kiest voor de onderwerping. Maar alleen de strategie van de egeltjes is stabiel. Als er alleen maar egeltjes zijn dan is er alleen maar samenwerking en geen strijd. Verder is het een benadering die veel mensen toepassen. Eerst eens rustig de kat uit de boom kijken en als iemand anders zich netjes gedraagt dan wordt dat ook beloont met hetzelfde gedrag. Blijkt iemand niet goed reageert op de vriendelijke benadering dan zullen mensen meestal ook dezelfde reactie teruggeven. Anderen kiezen voor een andere vorm van straf en dat is uitsluiting. Een winkelier laat iedereen toe totdat degene zich misdraagt. Hij kan dan vervolgens die persoon met geweld benaderen. Maar het is ook mogelijk dat hij probeert de dief uit te sluiten. Als de winkelier samenwerkt met andere winkels kunnen ze afspreken om hem allemaal de toegang te ontzeggen. In ieder geval blijft de diefstal niet onbestraft er worden wel maatregelen genomen.

Zijn er alleen maar egels in een maatschappij dan is er een mogelijke valkuil. In die situatie zou een duif ook kunnen overleven. Een combinatie van duiven en egels kan heel goed naast elkaar bestaan. Maar als de groep duiven te groot wordt bestaat het risico dat een havik weer kan opstaan en voet aan de grond kan krijgen. Om het model nog realistische te maken kunnen we nog een extra exemplaar toevoegen de havik-egel. Dit is iemand die normaal de egel-strategie speelt, maar af en toe ook de havik strategie uitprobeert. De egels hebben hier geen last van, maar als er meer duiven komen dan zullen die daar wel last van hebben. We krijgen dan een situatie met overwegend egels en enkele duiven en havik-egels. De duiven doen het slechter dan de egels en deze groep zal klein blijven. De havik-egels doen het alleen goed als er een wat groter deel duiven zit in de populatie. Maar komen er teveel havik-egels dan krijgen de duiven het steeds moeilijker. Dan zal de populatie duiven afnemen, maar deze afname van de duivenpopulatie gaat ook weer ten koste van het aantal havik-egels. Dus ook deze groep zal niet heel groot worden. Dit tit-for-tat strategie blijft toch de meest succesvolle.

Hoe dit uit zal pakken in meer complexe situaties is natuurlijk de vraag. Om doelen te behalen streven mensen naar winst of macht. Winst behaal je het meest door samen te werken en is dus gelijk aan de vredelievende strategie. Macht is het domineren van anderen door toepassen van geweld of de dreiging daarmee. Beide middelen kunnen worden gebruikt om het eigenbelang na te streven. Het handelen in het eigen belang door middel van vrijwillige interactie leidt er over het algemeen toe dat de productie hoger wordt. Mensen gaan werken en ruilen om doelen te behalen en dragen zo bij aan de eigen welvaart en die van anderen. Bij geforceerde interactie zijn er mensen die controle over hun middelen kwijtraken en dat zal leiden tot demotivatie en een verlaging van de productie. Bij geforceerde interactie neemt iemand de controle over de middelen van iemand anders. Er is dus eerst productie nodig om middelen te verkrijgen en dan pas kan een buitenstaander hier beslag op leggen. Vergelijk dit met een situatie van alleen maar haviken. Er is alleen maar strijd en nauwelijks opbrengst. De haviken hebben de duiven nodig. Degenen die beslag leggen op de bezittingen van anderen verlagen de productie en dus ook de mogelijkheden om controle uit te oefenen over meer middelen. In een situatie met alleen maar haviken heeft de havik weinig macht. De productie is laag en er is daardoor weinig te halen. Als de dominante strategie teveel gespeeld wordt dan gaat zij aan zichzelf ten onder. De havikken zullen altijd op gespannen voet leven met de rest van de maatschappij. Maar egeltjes kunnen heel goed bestaan en met elkaar samenleven. Maar dan moeten mensen zich wel gaan gedragen als egels. Dus zoek zoveel mogelijk de vrijwillige samenwerking en probeer waar mogelijk verzet te bieden aan machtsmisbruik.

Voor meer hierover zie K. Binmore. “Fun and Games” p414
Richard Dawkins, “The selfish gene”, p74
Documentaire “nice guys finish First”
Meer over deze strategie:

7 reacties:

  1. @Marcel Volgens mij is de werkelijkheid nog gecompliceerder. Veel mensen zijn egel, maar je hebt diverse soorten egels. Sommige zijn fysiek weerbaar en anderen niet. Sommige kunnen bedrog en misleiding snel herkennen anderen niet. En natuurlijk zijn er ook tussenvormen. Dus mensen die maar gedeeltelijk de capaciteiten hebben om bedrog van anderen te erkennen. Dit zorgt ervoor dat ook in egelsamenlevingen egel-haviken een kans hebben.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. @Anoniem De werkelijkheid is zeker veel gecompliceerder. Ik hoop alleen hiermee wel aan te geven dat je er niet simpelweg vanuit kan gaan dat de mensen die misbruik maken van anderen zullen overwinnen.

    Mensen die bedrog niet herkennen zou ik in dit model duiven noemen. Zij laten misbruik van zich maken ook al weten zij dit niet. Haviken zullen zich inderaad proberen te vermommen en te doen alsof ze wel braaf zijn en dat maakt de zaak zeker complexer. Door voorlichting kun je van deze duiven wel weer egels maken.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Mogelijk het beste artikel dat ik tot nog toe van je heb gelezen!
    Uitstekend!

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Het grootste geweld in de wereld is pure armoede. Armoede maakt meer dodelijke slachtoffers dan oorlog, moord of verkeer. Hoe kan libertarisme een einde maken aan dit grootste geweld, in een land dat barst van de grondstoffen. Ik doel natuurlijk hier op Afrika. Egeltjes? Havikken? Duifjes?

    Ik ben een ondernemer en voor mij zou libertarisme prima werken. Ik verbeter, bouw en investeer liever mijn eigen geluk bij elkaar. Ik produceer omdat het geproduceerde van waarde is voor mijn klanten en ik vertrouw op mijzelf dat te kunnen doen omdat de feedback van klanten en mijn eigen reflectie mij daarin bevestigen.

    Ik heb sterk de twijfel over de autonomiteit van mensen, wellicht afhankelijk van opleiding en andere factoren. Het feit landen met veel armoede kennelijk niet in staat zijn om zich tegen havikbestuur te weren, of niet in staat zijn om via ondernemen zich uit hun positie te manoevreren versterkt dat gevoel.

    Ook in Nederland, toch zeer welvarend te noemen, vraag ik mij dat af alleen dan puur vanuit de vraag of iedereen een ondernemer zou kunnen zijn en zo niet hoe het libertarisme dan zou werken.

    Ik vraag mij sterk af of er voldoende volume van mensen is die ondernemer kan zijn. Ik zie dat er meer potentieel is dan waar nu gebruik van wordt gemaakt, echter ik zie ook een grote groep (niet alleen mensen met allerlei handicaps) die ik niet zo in staat acht om met een eigen onderneming brood te verdienen omdat de mentaliteit, durf of realiteitszin er niet is. Ik heb altijd gedacht dat ik voor mijzelf zou gaan beginnen en zag mijn eerste loondienst werk als een manier om ervaring op te doen. Ik ben toen ik genoeg ervaring dacht opgedaan te hebben direct voor mijzelf begonnen. Ondanks dat het aantal ondernemers flink is gestegen in Nederland, blijft het mij verbazen hoeveel mensen ervan dromen en niet doen. Hoeveel mensen het over libertarisme hebben, maar toch bijvoorbeeld zelf ambtenaar zijn.

    Is het misschien dat ons onderwijs te weinig gericht is op het ondernemen? En hoe is dat dan in Afrika. Of komt dat alleen door een groot gebrek aan egeltjes daar?

    BeantwoordenVerwijderen
  5. De psychologe Roos Vonk heeft hier in de Intermediair ook een interessant stuk over geschreven. Hierin wordt uitgelegd dat de tit-for-tat strategie nog iets te wantrouwend is. Als je vertrouwen wilt creëren is een tit-for-multiple-tat een betere strategie. Alhoewel, wanneer de tat zodanig slecht is, is een tit wel op z'n plek.
    http://www.intermediair.nl/artikel//75156/samenwerking.html

    BeantwoordenVerwijderen
  6. @Anoniem Armoede is inderdaad een schrijnend probleem. Maar als we zien dat de overheid keer op keer onmachtig is om dit probleem op te lossen is het goed om eens te kijken naar de alternatieven.

    Als je gaat voor armoedebestrijding stel je dan eens voor dat de overheid alles nalaat wat de rijken bevoordeelt ten opzichte van de armen. Dat ze alles nalaat wat de armoede juist vergroot. Dat ze geen geld uitgeeft aan dure zaken die de armoede niet oplossen. Geef het geld van de Afganistanmissie bijvoorbeeld terug door een belastingkorting te geven aan de mensen die nu werken voor het minimumloon.

    Mensen die het minimumloon verdienen betalen honderden euro's per maand belasting. Bedenk eens aan al dat geld dat over de balk wordt gegooid. Geef dat geld terug aan deze mensen. Dan wordt het verschil tussen bijstand en werken ook weer groter.

    Schaf alle regels af die grote bedrijven bevoordelen en het daarmee de kleine ondernemer lastig maken. Schaf zowiezo alle regels af die ondernemers in de weg zitten en geen opbrengst hebben.

    Hoeveel overheid zou je nog over houden als je op deze manier de armoede probeert te bestrijden?

    BeantwoordenVerwijderen