vrijdag 3 september 2010

Hoe stevig is het Duitse herstel?

In Duitsland leeft de industrie weer even op. Maar er zijn zorgen omdat deze opleving vooral gevoed wordt door vraag uit China. Het is maar de vraag hoe lang deze vraag aanhoudt. Nederland en de rest van Europa kunnen vervelend verrast worden als het Duitse herstel hapert.

In China is even niets te gek. Er zijn veel nieuwe rijken en die willen graag een exclusieve Europese auto. De vraag naar auto’s in China groeide afgelopen jaar met ruim 15 procent. Die groei zet waarschijnlijk nog wel even door. Maar dat hoeft niet te betekenen dat de productie in Duitsland ook toe zal blijven nemen.

Ten eerste hebben alle Duitse automakers ook fabrieken in China. Deze capaciteit wordt uitgebreid nu de lokale vraag toeneemt. Het is uiteraard beter om te profiteren van de goedkope Chinese arbeid en ook nog eens te besparen op de vervoerskosten. Het uitbreiden van productiecapaciteit zal even duren, maar geleidelijk aan zal meer en meer geproduceerd worden in China zelf. Een toegenomen vraag uit China wordt eerst opgevangen door hogere productiecapaciteit in China zelf en als er dan nog tekorten zijn aan auto’s dan worden er auto’s uit Europa ingevoerd. Dat maakt de vraag naar auto’s in Europa extra wisselvallig.

Als de groei van de vraag afneemt dan moeten de Duitse autobouwers kiezen waar zij de auto’s willen bouwen. Maken zij gebruik van de productiecapaciteit in Europa of maken ze gebruik van de fabrieken in China? Zij zullen uiteraard kiezen voor het goedkoopste alternatief. Dan zal waarschijnlijk de keuze vallen op China. De Duitse autobouwers vullen nu de productie aan met productie uit Europese fabrieken. Maar als dat niet meer nodig is valt deze productie weg. Dat kan flinke gevolgen hebben voor de groei van de industrie in Duitsland.

Er is nog steeds een situatie waarbij er overcapaciteit is in Europa. De productiestructuur in Europa is scheef gegroeid. Er is een flinke overproductie van auto’s. Verder zijn de lonen hoog en is de arbeidsmarkt star. Door een tijdelijk hogere vraag uit China worden deze effecten enigszins gemaskeerd. Maar wie gelooft nog dat Europa een producent van belang kan zijn in de toekomst?

Duitsland en de rest van Europa hebben wel wat te bieden. Er zijn veel hooggekwalificeerde arbeidskrachten. Verder is er veel kapitaal geïnvesteerd in hoogwaardige productie. Dit is een goede basis voor een stevige concurrentiepositie. Maar dan moet wel de nadruk komen te liggen op de sterke kanten. Met een lage belastingdruk en soepele arbeidswetgeving zijn er volop mogelijkheden voor Europa om te concurreren. Maar voorlopig zie ik nog te weinig lastenverlichtingen. Verder is de rentelast van overheden een grote zorg. Dit vertaalt zich in belastingen waar je helemaal niets voor terug krijgt. Het is een enorme vergroting van de inefficiëntie van de overheid. Een voordeel van enkele procenten kan voor bedrijven al een groot verschil maken in concurrentiepositie. Een lastenverlichting is daarom heel erg welkom. Maar dat betekent dat de overheid daadwerkelijk moet snijden in zichzelf en niet kan terugvallen op lastenverzwaringen om het huishoudboekje op orde te krijgen.

2 reacties:

  1. Hallo Marcel,

    Je kunt inderdaad vraagtekens zetten bij het duitse herstel, wat volledig door de vraag uit Azie (vooral China)wordt gedragen. Waar liggen nu de risico's? In het dieptepunt van de recessie heeft China een zak geld van €400 miljard uitgestort over zijn economie. Dit moest de Chinese overheid wel doen, omdat de vraag uit de rest van de wereld (vooral VS) volledig wegviel. China was immers een volledig export georienteerde economie. Niet ingrijpen zou leiden tot grote sociale onrust. Waar is dit geld in gaan zitten? Dit is weer het oude liedje. Allereerst kreeg de chinees subsidie op de aankoop van zijn auto en TV om de consumptie flink aan te jagen. Voorts is met dit geld flink gespeculeerd op de huizenmarkt. Exacte cijfers zijn er niet, er wordt gesproken over 65 miljoen leegstaande woningen in China. Een klassieke bubbel. Als je Googlet op "Ordos China" kom je terecht bij nieuwe chinese stad die compleet leeg staat. De huizen zijn wel allemaal verkocht volgens de lokale makelaars, maar puur voor speculatie. Voor de gemiddelde chinees is een huisin de buurt van de grote steden onbetaalbaar geworden. Naar verluidt hebben de chinese banken veel slechte leningen op hun balanzen.
    Dan de chinese industrie, de economische motor van het land. Deze toont ernstige tekenen van oververhitting. Salarisverhogingen van 30 tot 40% zijn eerder regel dan uitzondering. De chinees wil vakantie-dagen, pauzes enzovoorts. Een flinke prijsstijging per eenheid product ligt op de loer, wat de concurrentiepositie van de chinezen op termijn flink kan uithollen. Gelet hierop zou het mij niet verbazen dat de chinezen op termijn toch weer hun munt gaan devalueren. Een lichtpuntje is wel dat de chinese overheid nauwelijks schulden heeft.
    Een inzakking van de chinese economie zal hoe dan ook verstrekkende gevolgen hebben voor de exportgeorienteerde econmieen in de eurozone, met name Duitsland en Nederland.

    De europese autobouwers hebben de fabrieken in china overigens niet alleen vanwege de kosten en de arbeidsmarkt. De chinese overheid stelt namenlijk als eis dat bedrijven die in China leveren ook een vestiging (productie) in China hebben. Recent speelde dit nog bij het bedrijf Wärtsilä uit Drunen, fabrikant van scheepsschroeven en motoren. De chinese overheid stelde als eis dat de productie naar China werd verplaatst, omdat men anders geen scheepsschroeven en motoren van het bedrijf zou afnemen. Het is dus niet alleen een economische afweging.
    BeantwoordenVerwijderen
  2. @Fons Bedankt voor je reactie. De Chinese arbeider wil nu ook een graantje meepikken van de welvaart. Op zich een goed teken, maar het risico is inderdaad dat het doorslaat en de economie afkoelt.
    BeantwoordenVerwijderen