woensdag 25 augustus 2010

Armoede en domheid als excuus


In discussies over privatisering loop je vaak tegen het argument aan van armoede en toegankelijkheid. Het is zeker legitiem om je zorgen te maken over de toegankelijkheid van onderwijs en zorg voor de armen. Maar dat is een discussie over armoede en niet een discussie over zorg of onderwijs. Het scheiden van deze twee discussies kan heel veel verhelderen. Eenmaal dit argument uit de weg loop je aan tegen het fundamentele argument ten aanzien van de zelfredzaamheid van mensen. Zijn de mensen niet te dom om voor zichzelf te zorgen vragen mensen zich dan af.

Laten we bijvoorbeeld eens kijken naar het privatiseren van onderwijs. De eerste zorg die men vaak heeft is dat onderwijs dan te duur wordt voor de armsten. De privatisering van de armenzorg is veel lastiger te verdedigen dan de privatisering van het onderwijs. En je komt dan in een moeilijk debat. Het debat over armenzorg is ook veel beter te voeren vanuit het algemene principe. Het toespitsen van armenzorg op een enkel product geeft naar mijn mening een verstoord beeld. De toegankelijkheid van onderwijs is makkelijk onderdeel te maken van de armenzorg. Je kan daarbij denken aan het geven van een verhoging van de bijstand of een belastingaftrek voor onderwijs. De belastingdienst regelt nu al de zorgtoeslag en de huurtoeslag. Het is mogelijk om daarbij een onderwijstoeslag toe te voegen. Zeker met de huidige technologische mogelijkheden is dit veel eenvoudiger geworden.

Daarmee wil ik aangeven dat de doelstelling van gratis onderwijs samen kan gaan met het privatiseren van onderwijs. De mate van herverdeling is een andere discussie. Sommigen zullen een volledige vergoeding willen voor iedereen en anderen willen wellicht helemaal geen bijdrage aan de armsten. Maar dit hoeft geen invloed te hebben op de keuze voor privaat onderwijs. Als eenmaal deze angel uit het debat is kun je je aandacht richten op waar het in eerste instantie om gaat. En dat is dat de vrije markt betere en goedkopere producten levert.

Een belangrijk argument voor gratis onderwijs is de leerplicht. Want hoe kun je onderwijs verplichten als het niet gratis is? Maar de overheid kan best onderwijs verplichten ook als dat geld kost. De mensen die je extra steun wil geven kun je financieel ondersteunen. Hetzelfde is mogelijk voor een zorgverzekering. Dergelijke verplichtingen kunnen wel snel leiden tot aanvullende regels. Want als school verplicht is, moeten er dan geen kwaliteitseisen zijn. Als er een verplichte zorgverzekering is, moet er een bepaald minimumpakket bepaald worden.

Maar vrijlaten van deze keuze vinden mensen vaak lastig. Dan raak je aan het idee dat mensen het eng vinden om anderen te vrij te laten. Wat zal er gebeuren als mensen alle vrijheid krijgen om hun kinderen naar elke school te sturen die ze maar willen. Kunnen deze mensen dat wel aan en hebben ze daar geen hulp bij nodig. Een essentieel onderdeel van veel politieke discussie is het beeld dan mensen hebben van anderen. Gaan ze uit van de eigen kracht van mensen of moeten mensen geholpen worden omdat ze niet in staat zijn om zelf keuzes te maken. Met name ten aanzien van de armsten in de samenleving bestaat vaak het idee dat ze dom en hulpeloos zijn. Zelf heb ik grote bezwaren tegen dit beeld. Dat mensen weinig geld hebben wil nog niet zeggen dat ze niet voor zichzelf kunnen zorgen.

Dit is essentieel in de discussies over marktwerking. Want de voorstanders van marktwerking gaan uit van de consument als controlerende macht. De consument houdt het wangedrag van bedrijven in de gaten. Zij kiezen voor bedrijven die goede producten leveren. Daarmee ga je uit van individuen die in staat zijn om zelf keuzes te maken. Voor mensen met een ander mensbeeld is vrije marktwerking daarom geen goede optie.

Een zwakte in deze redenering ten aanzien van hulpeloosheid vind ik dat er kennelijk twee soorten mensen verondersteld worden die vervolgens netjes gesorteerd kunnen worden. Er zijn hulpbehoevende mensen die niet voor zichzelf kunnen zorgen of omdat ze te kortzichtig zijn of financieel geen verantwoordelijkheid kunnen dragen. En dan zijn er de mensen met lange termijn visie en discipline die voor deze mensen moeten zorgen. Dit op zich is geen onrealistische aanname, maar er ontstaan problemen als je deze mensen wil scheiden. Als we gaan kiezen welke politici ons moeten leiden dan moeten we natuurlijk de mensen uit de tweede groep hebben. Maar hoe krijg je dat voor elkaar? De mensen uit de eerste groep willen ook best in de politiek en zullen zich presenteren als de tweede soort. Hoe ga je ze uit elkaar houden? In de praktijk blijkt dat niet te lukken. Mensen die kortzichtig zijn en financieel onverantwoordelijk kunnen ook op invloedrijke posities komen. Het resultaat is dat de overheid als geheel heel veel moeite heeft om haar financiële verantwoordelijkheid te nemen. De staatsschuld loopt op en er worden steeds meer de grenzen opgezocht van de financiële mogelijkheden. Ook kortzichtigheid is terug te vinden in het beleid van de overheid.

Als er mensen zijn onder de bevolking met slechte eigenschappen dan zullen deze mensen zich ook een weg vinden naar functies binnen de overheid. Daardoor helpt het niet om een overheid in het leven te roepen om je te beschermen tegen deze slechte eigenschappen. Neem financieel onverantwoordelijk gedrag. Je kan proberen te voorkomen dat individuen beschermd worden tegen hun onverantwoordelijke gedrag. Maar de politici die nodig zijn om dit beleid vorm moeten geven zullen deels ook dit gedrag vertonen. Dit kan door de omstandigheden zelfs erger worden. Politici geven andermans geld uit en dat leidt tot nog grotere uitgaven. Het resultaat is dat niet meer de individuen in financiële problemen komen maar hele staten komen in de problemen. Je kan dit proberen op te lossen door boven de overheid weer een nieuw instituut te plaatsen, maar dit instituut zal met dezelfde problemen kampen.

Het argument van armoede en domheid zijn twee veel gehoorde argumenten tegen de vrije markt. Ze hebben beide betrekking op de zwaktes van mensen en het geloof dat mensen beschermd moeten worden tegen hun eigen zwaktes. Ontkrachten van beide argumenten is naar mijn mening essentieel om tot kern van de zaak te komen. Het argument dat men de zwakkeren wil helpen en beschermen kan legitiem zijn. Maar hulp aan de zwakkeren vereist wel dat er oplossingen worden voorgesteld die de zwakkeren ook daadwerkelijk helpen. Daarvoor is het nodig dat ten eerste de discussie op basis van de juiste argumenten wordt gevoerd.

1 reacties:

  1. Erg leuk stuk, interessant ook voor komende discussies.

    -SZ
    BeantwoordenVerwijderen