De waarde van de productie van een bedrijf wordt bepaald door wat er ingaat er wat er weer uitkomt. Bijvoorbeeld Gazelle koopt allerlei materialen in en maakt daar fietsen van. De fietsen die zijn meer waard dan de gebruikte materialen. We zeggen dat er waarde is toegevoegd. Dit noemen we ook wel produceren.
Voor dit produceren zijn productiefactoren zoals arbeid, ondernemersschap en kapitaal nodig. Stel nu eens dat de fabriek jaarlijks voor een miljoen aan waarde toevoegd. Als er nu 10 medewerkers werker dan is de toegevoegde waarde per persoon 100.000 euro.
Deze miljoen euro wordt verdeeld over degenen die de productiefactoren ter beschikking hebben gesteld. Dat zijn de banken, aandeelhouders en de arbeiders. Over het algemeen gaat tussen de 60 en 80 procent naar loon en de rest gaat naar rente en winst.
Op het moment dat ik dus zeg dat lager opgeleiden een lagere productiviteit hebben dan heb ik het dus over hun bijdrage aan de productie. Deze wordt voor hoger opgeleiden hoger gewaardeerd. Juridisch werk dat door een advocaat wordt gedaan levert een flinke beloning op. De toegevoegde waarde van de advocaat is dus hoog. Voor het werk dat een postbezorger bij Sandd doet wordt weinig betaald. Daarom zeggen economen dat de productiviteit van de advocaat hoger is dan die van de postbezorger. Dit niet te verwarren met met de inzet van beide medewerkers.
Arbeidsproductiviteit zegt dus iets over hoe het werk gewaardeerd wordt in geld. Dit wordt voornamelijk bepaald door opleiding. Daarnaast spelen inzet en andere persoonlijke eigenschappen ook een rol bij de toegevoegde waarde van een werknemer.
Belangrijk hierbij is dat een bedrijf kijkt naar de verwachte toegevoegde waarde van een werknemer om het salaris vast te stellen. Hij kan medewerkers niet meer betalen dan de waarde die zij bijdragen aan de productie. Doet hij dit wel dan gaat hij verlies maken en dit kan hij niet volhouden.
Arbeidsproductiviteit is een begrip dat een centrale rol speelt in de economie. Een stijgende arbeidsproductiviteit leidt over het algemeen tot een hogere welvaart.
U weet dat een fietsenbouwer die stopt om de fietsen zelf te bouwen en ze voortaan uit China invoert, daarmee twee mooie resultaten bereikt: hij hoeft niet meer te werken èn zijn arbeidsproductiviteit loopt pijlsnel op.
BeantwoordenVerwijderenSoms zijn de namen van de begrippen dus een beetje misleidend.